Categorie archief: Sociaal-emotioneel

Een kijkje in onze “houden van-doos”

Standaard

Hallo bloggertjes,

vandaag bekijken we samen waar onze klasgenootjes van houden.

Issa: Een uurwerk. Een das omdat ik mooie kleren leuk vind. Chips… ik lust alle smaken. Een tractor want ik vind dat leuk. Papa en Lino.

Jens: Een knuffel, hij toetert. Ik heb nog een dino omdat ik van dino’s hou. Ook echte dino’s. Ook van draken. Snoepjes. Ik hou ook veel van mijn familie. En ook van Lowie. Ik heb mijn vriendenboek mee omdat ik van mijn vrienden hou. Ik heb iets van de Scouts mee omdat ik het leuk vind om daar naartoe te gaan. Playmobil. Ik heb een stift en een potlood mee omdat ik van knutselen en kleuren hou. En knikkers. En nog iets: tv kijken.

Yosa: Ik hou van voetballen. Ik hou van dammen. Mijn pépé heeft me dat geleerd. Ik hou ook van racen, van raceauto’s. En een tekening met verkeersborden omdat ik van het verkeersspel hou.

Anna: Een cd van K3 omdat ik K3 leuk vind. Mijn lievelingsknuffel. Ik slaap daarmee. Ik heb er drie van. Hij kan een kapje aandoen.

Jasper: Een kaartje van de baby. En een foto van in het ziekenhuis waar mama ligt met de baby. En nog een foto waar ik ben met de baby. Het sprookjesbos. Het is nog niet alles, ik heb nog veel mee. Een straaljager, in het echt. Een tekening want ik knutsel graag. Een quad, als je die los laat, kan die zelf rijden. Een boekje van de safari omdat ik van de safari hou. Een boekje van auto’s. Sinterklaas. Bram en de piraten worden samen vriendjes. Dat is een leuk boek. Samson ook. En Suske en Wiske. En Jommeke. Ik ben verzot op rozijntjes. En een dolfijn die kan toeteren. Van Lego. Van BMX. Ik heb ook een BMX. Van Playmobil.

Yaro: Ik hou van mijn familie. Ook van mijn zusje. Mijn kat, Viertand. Ik hou van frietjes. Salamiworstjes. Kungfu Panda. Die auto vind ik leuk omdat die zo vooruit schiet. Een speelgoedrobot vanuit Indonesië.

Jefferson: Ik hou van de Smurfen. Van mijn familie, van mijn oma en opa. En da’s alles.

Helena: Ik hou heel veel van mijn mama en papa. Ik vind mijn mama heel lief. En mijn papa heeft altijd heel veel warm. Als ik hem een handje geef, is dat zo warm. En dat is het poesje van mijn oma maar ze is gestorven. Vroeger kon ik die altijd buiten laten. Minneke. Ik mag de foto houden van oma. En ik hou ook van de juf maar ik had geen foto van de juf. Wat lief…

Lennert: Ik hou van dino’s. Da’s mijn lievelingsspeelgoed. Ook van de echte dino’s.

Lando: Ik hou van alle knuffels. Een clownneus omdat ik van verkleedkleren hou. En een lekstok. Ik vind alle snoepen lekker. En een zonnebril omdat ik van verkleden hou. En Falco.

Martha: Ik heb aardbeien mee omdat ik aardbeien lekker vind. Ik hou ook veel van mijn familie. En van lieveheersbeestjes. En van dit bloemetje van toen ik geboren was. En van mijn cavia, als je op zijn neusje duwt maakt hij geluid. Ook hou ik van echte cavia’s. En veel van mijn poesje, Wolfje. En een slak. Ik heb dat gekregen toen ik vier jaar was. Ook slakken in het echt vind ik leuk.

Samantha: Ik vind alle poezen leuk. Ook boekjes van poezen. Alle snoepen. Ik hou van mijn mama en mijn zus en mijn papa.

Roman: Ik hou van dit knuffeltje. Ik heb dat gekregen van papi Nico, de papa van mijn mama. En ik vind mijn beertje zo leuk. Da’s van mijn geboorte. En dit zijn mijn lievelingspantoffeltjes. En Billy en mijn zus en mijn vrienden. En knikkers. En ik heb ook nog een “pralieneke”, voor jou en voor mij. We hebben er nog een ganse toren van en nog een platte in een doos. En nog een boek. En dat boek is zo leuk . Het gaat over dat jongetje. En dat jongetje is verliefd.

Merel: Ik vind een kikkerknuffel leuk. Die is eigenlijk van mijn mama maar ik neem de mijne niet mee omdat ik anders niet kan slapen. Ik hou ook veel van mijn mama. En Kinder Bueno. En dat boek dat ik van Martha heb. Daar staan heel leuke verhaaltjes in. Ik vond ook mijn opa leuk, de papa van mijn mama, maar die is al lang gestorven. Ik wou die foto ook meenemen maar ik vond geen.

Arno en Lino

Arno: Ik hou van knuffels, Verschrikkelijke Ikke en Nona. Ik hou van mama en papa. Van mijn broer. Van films: Verschrikkelijke Ikke, Mister Bean, Masha en de beer, Pingu, Baas in eigen bos. Dino’s.

Lino: Ik heb drumstokken en een foto mee omdat ik van drummen hou. Ik doe dat bij mama. Ik vind chips lekker. Een uurwerk. En ook Rode Duivelshandschoenen want ik vind de Rode Duivels leuk. En een das en een foto omdat ik leuk vind dat aan te doen. En een foto als ik klein was gans in crème.

Ewout: Ik hou van mijn mama en papa. Ik hou van tractors. Van knuffeltjes, mijn lievelingsknuffel Beertje. Ik drink graag soya choco.

Fleur: Ik vind da leuk die foto omdat ik sneeuw leuk vind. Een knuffeltje dat ik leuk vind om te slapen. Ketting dat ik met mijn oma heb gekocht als we naar de dieren zijn gaan kijken. Een tol. En een doosje met armbandjes. En mijn zus en mama.

Cedric: Ik heb snoepjes mee. En een kleurboek omdat ik de kerstman leuk vind. Die koekjes vind ik lekker en salamiworstjes.

Brend: Ik heb mijn beste vriendje mee, Bluppy. Een paardenboek mee omdat ik van paarden hou en ik moet daar ook over leren want ik ga nog paard rijden. Ik hou van auto’s met sirenes aan. Ik vind een medaille leuk omdat je dat kan winnen op tornooien en wedstrijden. En mijn lievelingskoek, frangipannekes. En een foto van mijn hond Chico. En jet ski’s. En mama.

Victor: Ik hou heel veel van beren. En ook een Cars-auto en een Rox-auto. En de brandweer. En ook een auto met één wiel. Ik vind Lego leuk. En koeken, Dinosauruskoeken. En mijn broer. En de boot op vakantie is leuk. En ik hou ook van treinen. En van speeltuinen. En Siebe, het kindje van mijn meter. En van Bertrand en Arthur. En mijn mama en papa.

Juf Bérénice: Het allermeeste hou ik natuurlijk van Milan. (Natuurlijk want dat is je kindje – Brend) Dan zie ik ook mijn beste vriend, Thijs, graag. Ik hou ook heel erg van op reis gaan. Mijn lievelingsland is Australië. (Mijn papa gaat daar bijna ook naartoe – Fleur) Ik hou ook heel erg van de zon want dan is het lekker warm, dan is het mooi weer en dan is er daglicht. Wat ik ook heel leuk vind, is flinke kindjes. (Het zonnetje van de dag – Brend) Ik hou ook van mooie kleren. Foto’s nemen vind ik ook leuk. Je hebt dat al gemerkt in de klas. En ook op reis doe ik dat heel veel. Fondantchocolade vind ik lekker. Nog liever eet ik eigenlijk chocomousse maar dat kon ik er niet in steken. En ook iets wat ik er niet kon in doen: rode wijn. Dat drink ik graag. (Mijn papa heeft dat ook thuis – Roman) En kunst, zoals Miro.

Tijdens het hoekenwerk in de namiddag kijken de kleuters met zeer veel plezier nog eens in elkaars dozen.

Jasper, Yosa en Jens

 

 

 

 

 

 

 

Super om te zien hoe ze erin opgaan en de opdracht voluit beleefd hebben!

Groetjes, juf Bérénice

 

 

 

 

Zonnetje in de klas

Standaard

Hallo bloggertjes,

sociale vaardigheden zijn altijd een hele uitdaging om kinderen bij te brengen. Dat weten ook jullie als ouder maar al te goed.

Ook in de klas krijgt dit een belangrijke plaats en met een felle jongensgroep als de deze is het meer dan anders een uitdaging! 😉

In de klas hangt er een “kalender” waar vier belangrijke klasafspraken m.b.t. sociale vaardigheden in terugkomen.

1. Niet schoppen, slaan, vechten,…

2. Geen klikspaan zijn.

3. Geen kinderen uitsluiten of lelijke dingen over een ander zeggen.

4. Niet liegen.

Na een maand te werken met de kalender was het vandaag tijd voor een eerste beloning:

Zonnetje in de klas

 

 

 

 

 

 

 

 

Twee kleuters wiens naam niet op de kalender voorkomen – deze week waren dit Helena en Lando – mogen de medaille “Zonnetje in de klas” een weekend mee naar huis nemen.

Twee dagen de tijd om ermee te pronken! En beslist verdiend!

Draag goed zorg voor je medaille in het weekend want maandag brengen de zonnetjes hun medaille terug mee naar de klas want hopelijk is het volgende week een ander duo dat ermee naar huis mag.

Groetjes, juf Bérénice

Nabespreking bezoek ‘Expo Dinoworld’

Standaard

Hallo bloggertjes,

ik ben benieuwd wat de kleuters het leukst of wat ze minder leuk vonden, m.a.w. wat hun het best is bijgebleven van het bezoek aan ‘Expo Dinoworld’.

Wat vond jij leuk, Yosa: Allemaal!

Jens: Ik vond de microraptor schattig.

Anna: Ik vond die vliegende dino zo schattig.

Jasper: Ik vond de koning-dino leuk.

Yaro: Ik vond het allemaal een beetje leuk.

Jefferson: Ik vond de planteneter leuk.

Helena: Ik vond het leuk met die grote dino en die dino die daar lag die bijna dood was.

Roman: Die grote dino met zijn lange nek dat was zo raar. Kijk, dat was zo leuk, zijn nek was zo lang en niemand kan daar op klimmen, eh.

Febe: Ik vond dat bot zoeken leuk.

Lando: Ik vond alles leuk.

Martha: Ik vond ook die vliegende dinosaurus leuk.

Issa: Ik vond die T-Rex leuk.

Samantha: Ik vond ook die T-Rex leuk.

Lennert: Ik ook allemaal.

Brend: “Ik vond de ‘witnonkwatnus’, die vliegende dino, leuk. Zo noemde hij dat.” Wie zegt dat deze dino zo heet? “Dat noemt  gewoon zo! Ik heb dat gehoord op ‘Dino Daan’.” Oké, ik heb er nog nooit van gehoord. Zo’n vliegende dino is een pteranodon. “Ja, maar dat is zijn achternaam hé!” 😀 I rest my case! 😉

Merel: Ik vond de dinosaurus die bijna dood was leuk.

Lino: Die planteneter.

Victor: “Ik vind het niet leuk.” Waarom? “Omdat ik die vliegende dino niet wil zien. ” Maar er waren toch nog andere dino’s? Die vond je ook niet leuk? “Neen!”

Wat vond jij leuk, Rafael: Allemaal!

Arno: Weet je waarom ik alles leuk vond?  Omdat ik daar op mijn verjaardag ook naar toe wou. Dat was mijn wens en mijn droom.

Fleur: Ik vond alles leuk.

Cedric: Ik vond alles cool.

Juf Bérénice: Ik vond de dino aan de ingang wel indrukwekkend omdat ik hem zo zag ademen. Zijn buik ging zo op en neer en op en neer… “Ja, dat is zijn adem!”, reageert Yosa. Inderdaad! Ik vond dat wel tof om zo precies naast een levende dino te staan. 😉

Groetjes, juf Bérénice

Post uit Amerika

Standaard

Hallo bloggertjes,

we ontvingen deze week van Kikker een brief uit het verre Amerika!

Kaart uit Amerika van Kikker

Wat een superleuke verrassing!

En om het helemaal té gek te maken, zat er een cadeautje bij. Naast leuke contractstickers, kregen onze derdekleuterklassers een echt geschenk voor onder de kerstboom. Benieuwd wat er in zit…

Groetjes, juf Bérénice

Kikker is Kikker

Standaard

Hallo bloggertjes,

in ons nieuw thema staat Kikker, het gekende personage uit de boeken van Max Velthuijs, in de kijker. Uit elk verhaal vloeit een “wijsheid” voort die we gaan bespreken. Want die “Wijsheden van Kikker” zijn ook in het (kleuter)leven niet onbelangrijk.

Het vertrekpunt wordt “Kikker is Kikker”. Kikker ontdekt dat zijn vrienden allemaal veel kunnen en heeft het gevoel dat hij zelf niks kan… Maar dit lijkt uiteraard alleen maar zo!

Na het vertellen, bespreek ik het boek met de kleuters. Want de moraal van een verhaal is niet voor elke kleuter even voor de hand liggend. Seth onthoudt er uit dat we allemaal iets kunnen. Cécile voegt eraan toe dat we onszelf moeten blijven. Ja, we onthouden: we zijn allemaal anders. En ik voeg er nog de mooie slogan van Cécile aan toe: we moeten onszelf blijven.

Nadien denken we zelf eens na over wat we goed kunnen en wat minder goed gaat. Wat blijkt het toch moeilijk om bij onszelf te zien wat we niet zo goed kunnen! 😉 De kleuters blijven steken bij sportieve dingen “ik kan springen”, “ik kan geen koprol”, “ik kan geen handstand” dus we gaan eens naar elkaar kijken. Wat vinden we mooi, leuk,… aan de ander? Wat vinden we dat een klasgenootje goed kan? Wat vinden we dat beter kan?

Door te kijken en na te denken over elkaar merken we dat we allemaal anders zijn.

Lees hieronder hoe de kleuters elkaar zien nadat we dit samen besproken hebben:

Zeno kan goed lopen en timmeren maar op tijd een werkblaadje maken lukt niet goed.

Febe kan goed spelen met haar vriendinnetjes in de hoeken want ze maakt geen ruzie maar ze kan niet op tijd haar werkblaadje afwerken.

Alexandre kan goed loopwedstrijdjes doen op school maar hij kan niet goed op de bank blijven zitten.

Amaris is een goeie vriendin voor Paulien. Amaris kan niet schommelen.

Miel kan goed lopen maar kan niet koprollen.

Oona kan goed aan haar contract werken. Maar wat ze niet zo goed kan, hebben we nog niet opgemerkt…

Ashly kan héél goed voor dingen en kinderen zorgen maar kan nog niet zo goed praten want daar oefent ze op.

Zowé kan goed met haar vriendin Larissa spelen. Zowé kan niet goed opletten want ze zit veel te prutsen aan haar kleren.

Paulien kan goed aan haar contract werken en met haar vriendinnen spelen. Maar wat ze niet zo goed kan, hebben we nog niet opgemerkt… Maar ze zegt dat ze iets weet wat ze niet kan wat anderen nog niet gezien hebben: ze kan niet goed bijten in een appel.

Cécile kan goed met haar vriendinnetjes  spelen, aan haar contract werken en meewerken in de kring. Maar wat ze niet zo goed kan, hebben we nog niet opgemerkt… Cécile weet echter wel zelf iets: ze kan niet goed met haar vingers aan haar tenen bij ballet.

Dylan kan goed voetballen want hij heeft al 2x in de goal gestopt. Dylan kan niet zo goed aan zijn contract werken en hij maakt wel ruzie.

Lena kan goed paardrijden, werkblaadjes maken en aan de creatafel werken. Maar wat ze niet zo goed kan, hebben we nog niet opgemerkt…

Noa kan goed voor haar vriendinnetjes zorgen en ze kan goed tekenen en knutselen. Juf weet dat ze moeilijk afscheid kan nemen van mama en papa als zus thuis is. “Ja!” beaamt ze lachend. 😉

Cedric kan goed spelen en iets maken met de blokken. Hij kan niet goed zijn werkblaadje maken of aan de creatafel komen.

Margot kan goed voor Amaris zorgen maar ze kan niet goed op tijd haar werkblaadje maken of aan de creatafel komen.

Seth kan goed aan zijn contract werken, voetballen, koprollen en met zijn vriendjes spelen. Maar wat hij niet zo goed kan, hebben we nog niet opgemerkt… Seth weet echter zelf dat hij geen veters kan strikken.

Jesse kan goed met zijn vriend Cedric spelen maar niet goed zijn werkblaadje maken of aan de creatafel komen.

Larissa kan goed met Zowé spelen maar bij de spelletjes kan ze wel ruzie maken.

Juf Bérénice kan goed lezen, contract geven, nadenken over wat de kindjes kunnen maken, kindjes op straf steken :D, leuke hoekjes maken en de naampjes schrijven. Ook de juf kan niet alles leg ik uit  – verwonderde blikken van mijn K3-tjes  – maar toch kunnen ze niet écht iets typerend bedenken. Juf kan niet schommelen. “Toch wel”, reageert Seth en inderdaad Dylan en Seth hebben al gezien dat ik dat wel heel goed kan. 😉 Juf kan niet goed op hakken lopen. Haha, waarschijnlijk heeft Lena al gezien hoe lomp ik kan zijn! Dus dat is wél typerend! 😉 Ze kunnen niet echt iets bedenken dus help ik ze even op weg want ik wil toch aantonen dat ook mama’s en papa’s niet alles kunnen:  juf kan niet supergoed koken of muziek maken!

En zo hebben we allemaal wel iets wat we goed en niet zo goed kunnen!

We zijn eigenlijk benieuwd waarmee onze mama’s en papa’s het moeilijk hebben en waarin ze uitblinken. Wie durft een reactie plaatsen en het ons laten weten?! 🙂

Groetjes, juf Bérénice

Pas maar op of ik eet je op!

Standaard

Hallo bloggertjes,

“Pas maar op of ik eet je op” is de titel van het boek voor kleuters waaruit ik  gisteren en vandaag heb voorgelezen. Het boek kadert in ons pestproject dat doorheen de hele school loopt.

Misschien vertelde je kleuter wel de inhoud van het verhaal maar misschien ook niet?! In dat geval zit je met deze blog op het juiste adres!

Tom is een jongen die met zijn mama en zusje Britt naar de stad gaat wonen met het gevolg dat Tom en Britt op een nieuwe school terecht komen. Tom zit echter in de klas met grote pestkop Nik! Tom draagt een bril en uitgescholden worden voor “Stomme Tom, schele Tom, je ogen zijn krom,…” is dagelijkse kost voor Tom. Tom heeft geen zin meer in de nieuwe school en sluipt op een nacht het huis uit en trekt met de bus naar z’n tante die nog steeds in zijn vroegere dorp woont. Hij doet zijn tante het hele verhaal, maar uiteraard kan hij niet zomaar bij z’n tante blijven want mama en Britt zouden hem dan heel erg missen. Op de stoep van zijn tantes huis maakt hij kennis met een zwarte zwerfhond. Tom zou graag de hond houden en mama vindt het oké. Sindsdien heeft hij misschien geen vrienden op school maar heeft hij er wel een beste vriend bijgekregen, nl. Flap. Op een dag gaan Flap en Tom wandelen. Ze lopen er Nik tegen het lijf. Flap gaat wild tekeer tegen Nik en Nik toont zich opeens niet meer zo sterk, integendeel, hij is superbang voor Flap. Wanneer Tom Flap tot bedaren kan brengen, ziet Nik dat Tom ook heelwat te bieden heeft. En dan nodigt Nik Tom uit om samen te gaan voetballen met zijn vrienden. Sinds die dag ziet Tom de nieuwe school helemaal zitten!

Na het verhaal denken we even na over pesten. Wat is pesten? Wat vinden we ervan? Hoe ervaren we dit? We gieten dit in verschillende zinnetje.

Ik vind het niet leuk dat je me pest want dat doet pijn. (Cécile)

Ik wil dat ze me niet meer slaan. (Miel)

Ik vind pesten niet leuk. (Lena)

Ik ben verdrietig als je me pest. (Zeno)

Ik vind het echt niet leuk als je me pest. (Pauline)

Pestkoppen zijn niet leuk. (Seth)

Voor velen niet gemakkelijk om een zinnetje te verwoorden. We proberen vanaf dit jaar dikwijls eens zinnen te maken want kleuters zijn gewoon om te antwoorden op een vraag in woord-zinnen. En daar gaan we ook dit jaar op werken…

Groetjes, juf Bérénice

Een medaille verdiend…

Standaard

Hallo bloggertjes,

vanavond kwam je kleuter misschien naar huis met een Simpson-“medaille”. Waarom kreeg je kleuter die? Waarschijnlijk zij hij/zij: “Omdat ik flink was!”

Ja en neen!

Ja, uiteraard heeft je kleuter iets flink gedaan maar ’t is niet omdat je kleuter er geen kreeg dat hij/zij niet flink was. Ik heb de kleuters proberen uitleggen dat ze het hele verhaal moesten vertellen. Benieuwd wie dat gedaan heeft…

Een woordje uitleg:

Ik wil in de derde kleuterklas naast het voorbereidend lezen, rekenen en schrijven ook werken aan het sociaal gedrag van de kleuters, m.a.w. ik en de andere kleuters. Hoe gaan we met elkaar om? Hoe kunnen we reageren op de andere? Wat doe ik het best niet? Wat doe ik als er ruzie is? …

In de klas hangt er een blad waar de sociale vaardigheden van de kleuters worden “bijgehouden”.

 

Waar werken we aan in de derde kleuterklas?

1. We schoppen, slaan, vechten, … niet. Dat spreekt voor zich toch?

2. We spelen geen klikspaan. Ik probeer de kleuters bij te brengen dat iedereen wel eens iets mis doet – alhoewel er kleuters zijn die beweren van niet! 😉 – dus we gaan niet klikken over iemand anders. Maar eveneens moeten we leren als er ruzie is of woorden zijn we niet onmiddellijk komen klikken over die kleuter. Neen, we proberen dit onderling te regelen. Meestal is het gewoon een niemendalletje en hoeft de juf het niet eens te weten. Soms vinden we het echt vervelend en  zeggen we tegen die betreffende kleuter wat we niet leuk vinden. Lukt dit niet en blijft die kleuter vervelend doen, dan pas schakelen we de juf in. Dan MOETEN we het aan de juf vertellen want pesten dulden we niet. Plagen kan eens maar pesten is iets helemaal anders. Dit onderscheid is nu een leerproces voor onze kleuters (en zelfs nog oudere kinderen).

3. We zeggen geen lelijke dingen over een vriendje, we sluiten geen vriendjes uit. Ik vind het bijvoorbeeld heel lelijk dat bepaalde kleuters bepaalde klasgenootjes geen hand in de rij willen geven. Het zijn ook dikwijls dezelfde kinderen die op die manier uitgesloten worden dus maak ik er ook een zaak van dat er geen voorkeurskindjes zijn in de rij. In de rij lopen duurt een minuutje en het kan natuurlijk altijd dat je het ene kindje leuker vindt dan het andere (da’s in het dagelijkse leven bij volwassenen  niet anders) maar dit hoef je in dat ene moment niet te tonen. We proberen ook op de speelplaats niemand uit te sluiten, al snap ik het wel dat soms eens twee hartsvriendinnen enkel met elkaar willen spelen en dan bemiddel ik wel eens! 😉

4. We liegen niet. Iets stuk maken kan altijd! Maar gebeurt dit, komen we er eerlijk voor uit. Soms kan de juf dit gewoon kleven en lukt dit niet,  dan is het vervelend en jammer  maar apprecieer ik vooral de eerlijkheid!

 

Deze vier sociale werkpuntjes volg ik het hele schooljaar door op. En de kleuters die de voorbije 1,5 week erin geslaagd zijn om niet te schoppen, niet te klikken, geen kindjes uit te sluiten en niet te liegen, kregen een medaille als beloning.

Deze kleuters waren uiteraard heel trots maar de anderen heb ik op het hart gedrukt dat ik nog veel meer beloningen heb… die onverwachts eens te boven komen!

Groetjes, juf Bérénice